Het volgende stemadvies is besproken door het laatste congres van het Communistisch Platform en door het bestuur bewerkt en aangenomen.
Mede omdat de RSP heeft besloten geen stemadvies uit te brengen omdat ze dit pretentieus achten 1, brengen wij wel een stemadvies uit. Wij zijn namelijk van mening dat een stemadvies altijd relevant is. Verkiezingen brengen periodes van verhoogde interesse in politiek met zich mee en ook als de RSP niet deelneemt aan deze verkiezingen, moeten deze periodes gebruikt worden om burgerlijke partijen én de staat te bekritiseren. Ook moeten we valse alternatieven op links bekritiseren. Het doel van een stemadvies is gezien de staat van revolutionair links niet het verlenen van steun aan deze of gene partij, of om het verkiezingsresultaat te beïnvloeden. Door consequent bij te houden hoe deze partijen zich ontwikkelen, kweken we een partijkader dat de politieke verschillen zelf helder voor ogen heeft en ook in hun dagelijkse partijwerk duidelijk kan maken aan de buitenwereld. Door dit niet te doen worden illusies over linkse partijen, zowel onder RSPers als daarbuiten, in stand gehouden.
Het voornaamste onderwerp dat op dit moment onze focus verdient is militarisme. Het huidige tijdsgewricht wordt gekarakteriseerd door een toenemende opmars naar oorlog. Dit bestaat uit een grootschalige herbewapening met de NAVO-norm en de Rearm Europe plannen 2 meerdere partijen (bijv. D66, CDA, JA21) pleiten voor (her)invoering van een dienstplicht of opkomstplicht. De VVD spreekt van de grootste investering in ‘veiligheid’ ooit. Deze grootschalige herbewapening betekent dat er politiek de keuze wordt gemaakt voor wapens boven boter, en dat de restanten sociaal beleid dus getorpedeerd worden. Daarnaast gaat deze militarisering gepaard met toenemende repressie en inperking op vrijheid van meningsuiting. De houding tegenover de oorlogen van ‘onze’ regeringen is dus cruciaal maar geen enkele partij gaat niet tot op zekere hoogte mee in oorlogsretoriek, herbewapening en het ophogen van de NAVO-steun. Er is geen geloofwaardige partij wars van militarisering en imperialisme die meedoet aan de verkiezingen. Daarom kan er eigenlijk geen overtuigd stemadvies worden gegeven voor deze of gene partij. Toch zijn wij geen voorstander van een electorale boycot. Dan rest communisten geen andere optie dan kiezen op basis van hun positionering op basis van de verschillen tussen slechte opties: de SP die weliswaar tegen Rearm Europe stemt, maar vanwege ‘Europe’ ipv ‘Rearm’; de PvdD die minder nationalistisch is, maar recent de draai maakte naar steun voor Rearm Europe; of BIJ1 die als enige een principieel standpunt over de NAVO inneemt, maar als partij een lege huls zonder kader of daadwerkelijke partijdemocratie is
GL/PvdA
Het doel van de fusie van GroenLinks en PvdA is om een grotere centrumlinkse bestuurderspartij te vormen die een sterker blok kan zijn in coalitieonderhandelingen. Hierbij is de verrechtsing van GroenLinks die al sinds de oprichting gaande was – de fusiepartij GroenLinks stond rechts van de losse partijen die GroenLinks vormden en sindsdien is er een constante verrechtsing geweest via lokale coalitiedeelnames, de Kunduz-coalitie, het schuldenstelsel voor studenten enz- versnelt. De eenheid tussen GroenLinks en de PvdA is gevormd op basis van een programma van bezuinigingen, steun aan de NAVO- en EU-oorlogsmachines en restricties op migratie. Moralistisch-linkse onderstromen in GroenLinks die moeite hadden met deze verdere verrechtsing zijn grotendeels vertrokken naar lokale afsplitsingen en de Partij voor de Dieren. Dit fusieproject staat dus niet eens op een basis van een klassieke sociaaldemocratische verzorgingsstaat, laat staan een project voor een socialistische transformatie.
Een kleine groep aan grachtengordelmarxisten vanuit het Jacobin milieu pleiten voor een GL-PvdA-stem vanuit een zogenaamd marxistisch perspectief. Zie ook de website van de factie LinksBoven 3.
Dit is een absurdistische parodie op marxisme, zonder enig fundament in de werkelijkheid. Dit geldt ook voor ex-RSPer en voormalig SP-Europarlementariër Erik Meijer die via opiniestukken in de Volkskrant 4 de SP ertoe wil bewegen om op te gaan in dit fusieproject. De partijcombinatie profileert zich als een kapitalistische, militaristische formatie. Alleen met de grootste moeite kan de partij zelfs maar als een burgerlijke arbeiderspartij gekarakteriseerd worden en dat alleen vanwege de nog voortbestaande, al dan niet geërodeerde, dwarsverbanden tussen PvdA en FNV.
Lijsttrekker Frans Timmermans pleit vurig voor een ‘centrumkabinet’, ofwel een combinatie van VVD-CDA-D66 met de eigen partij. De partij werpt zich op als hoeder van de kapitalistische orde samen met de liberale partijen en Timmermans ziet zichzelf al als de Keir Starmer van Nederland.
Inhoudelijk is er geen enkele reden om deze optie te verkiezen boven alternatieven. Het programma kan ons slechts de voorspelbare route voor een kapitalistische regering voor de komende jaren tonen.
SP
De SP kiest wel voor militarisering, maar door een nationalistische lens: ze eisen de bouw van wapenfabrieken onder toezicht van de staat, in Nederland, en zonder winstoogmerk. Een beleid van ‘sociale’ militarisering dus.
Ook neemt de partij geen eenduidig standpunt tegen de NAVO in. Ze stellen voor om een NAVO 2.0 in te richten, waarbij de Amerikanen niet worden opgenomen. Er is geen analyse van westers imperialisme, maar onstabiliteit in de wereld wordt geduid als het gevolg van wetteloosheid gedreven door de Verenigde Staten. Feitelijk kiest SP hiermee voor het Franse imperialisme van ‘strategische autonomie’ boven Amerikaans imperialisme.
In dit kader blijft de partij ook wapenleveranties aan Oekraïne steunen. Zogezegd op voorwaarde dat er tegelijkertijd diplomatieke kanalen worden onderhouden, maar dit valt praktisch niet te onderscheiden van de bestaande positie van Europese grootmachten (Frankrijk, Duitsland, Italië) om Rusland aan de onderhandelingstafel te dwingen door middel van wapenleveranties.
Het verwerpen van de ‘Trump-norm’ is sympathiek, maar rust niet op een gedegen positie van anti-imperialisme. De argumenten van de SP vallen nauwelijks te onderscheiden van die van de PSOE (Spaanse sociaaldemocraten). Wel pleit SP in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Partij voor de Dieren tegen de Rearm Europe plannen. Samengenomen pleit SP voor een sociaal imperialisme van militarisering op een lager tempo en met een heroriëntatie op Frans-Europese imperiale belangen.
De SP lijkt minder dan de vorige keer halve maatregelen voor te stellen om goed uit de CPB modellen te komen. Het lijkt er juist op dat SP zich dit keer minder zorgen maakt om de doorrekening en daardoor (marginaal) minder concessies doet op hun programma, zij hebben dit keer ook het programma niet door de CPB laten doorrekenen maar door eigen gekozen experts. Aan de andere kant zie je een verdere uitwerking van het migratiestandpunt, dit is een concretisering vergeleken met voorgaande programma’s. De SP pretendeert over arbeidsmigratie een socialistisch standpunt te hebben omdat zij begaan zouden zijn met de arbeidsmigranten die worden uitgebuit. In feite echter legt de SP de oplossing hiervoor bij restricties op arbeidsmigranten en het sluiten van grenzen, niet bij het organiseren van arbeidsmigranten, controle vanuit de vakbeweging op arbeidsomstandigheden of het aanpakken van de kapitalisten die de arbeidsmigranten inhuren. De SP neemt hierin dus ondanks alle pretenties geen klasse-standpunt in, maar een nationalistisch standpunt.
Opvallend is dat de SP zich steeds meer probeert aan te bieden als gewillige bedpartner voor burgerlijke partijen. De afgelopen jaren heeft de SP steeds meer de VVD verklaard tot voornaamste aanstichter van de problemen van de afgelopen 15 jaar. Waar de SP eerder nog harde aanvallen voerde op bijvoorbeeld de PvdA voor hun deelname aan Rutte 2 lijkt de SP nu zichzelf te kandideren voor een rol als junior coalitiepartner. De zachte kritiek van de SP op coalitiedeelname met rechtse partijen is daarmee definitief verleden tijd. Jimmy Dijk stelde een ‘koffiecoalitie’ voor met ongeveer alle partijen tot en met het CDA. Deze trend, ook in ons vorige stemadvies besproken, betekent ook dat de SP bereid is haar standpunten op te offeren voor regeringsdeelname. Een stem op de SP is dan ook alleen te rechtvaardigen vanuit de directe zachte oppositie die zij voeren tegen Rearm Europe en de NAVO-norm. In ons vorige stemadvies gaven wij aan dat de SP hun banden met de arbeidersbeweging steeds meer aan het verliezen was, deze trend wordt doorgezet. Hoe meer de SP het pad bewandelt van coalitiedeelname met kapitalistische partijen, des te meer zij elke band met klassenpolitiek zullen verbreken.
PvdD
Op sociaal niveau vergelijkbaar met de SP. Ze pleiten voor uitbreiding van het demonstratierecht, een verbod op schijnvakbonden, winstdeling en werknemersinspraak bij ondernemingsraden, uitbreiding van de rechtsvorm van en aanmoediging van coöperatieven, etc. Op de sleutelpunten zijn de plannen van PvdD voor de vakbeweging en ‘democratisering van de economie’ vrijwel identiek aan die van de SP. In de praktijk is er vooral een smaakverschil dat Jimmy Dijk af en toe lippendienst bewijst aan de werkende klasse (maar niet te veel, anders wordt hij teruggefloten door het congres) terwijl de PvdD het geheel bij de ‘sociale rechtvaardigheid’ retoriek houdt.
De koers van de Partij van de Dieren wordt het afgelopen decennium gekenmerkt door een verschuiving van een ideologie gericht op dierenwelzijn naar een ecologisch getinte variant van utopisch socialisme. Voorheen positioneerde de partij zich als ‘noch links, noch rechts’ en voornamelijk als getuigenispartij voor dieren. Onder Esther Ouwehand is dit verschoven, de partij positioneert zich explicieter als links en er ligt steeds meer nadruk op sociale thema’s. Deze sociale thema’s worden echter primair geanalyseerd vanuit de ecologische behoefte van de samenleving, en ecologie wordt dus als begin en uitkomst van beleid gesteld. Bijvoorbeeld bij voorstellen om de woningnood op te lossen, stelt de PvdD voor te bouwen op veeteeltgrond. Sociale en maatschappelijke hervorming wordt dus geformuleerd vanuit een abstract mededogen voor dier en klimaat en niet vanuit worteling in de arbeidersklasse en arbeidersbeweging.
Deze verschuiving wordt ook zichtbaar in de recent discussies rondom het oorlogsstandpunt van de partij die uitmondde in de afsplitsing van de groep ‘Vrede voor Dieren’. Voor een deel voeren deze discussies al verder terug naar een conflict tussen Esther Ouwehand en de oude garde die de partij heeft opgericht , waarin de laatste zich zorgen maakte over het afglijden van de PvdD als getuigenispartij voor dierenbelangen. De nieuwe partij die uit deze groep voortkomt is wel tegen wapensteun aan Oekraïne maar rechtvaardigt dit voornamelijk met het argument dat oorlog de verzorgers van dieren raakt. Verder verwijt Vrede Voor Dieren-oprichter Pascale Plusquin de PvdD dat ze over mensenzaken zoals Palestina en LHBT-rechten politiek voeren. Ook PvdD oprichter Nico Koffeman verliet onlangs de PvdD, juist omdat het te veel over ‘Gazanen’ gaat en te weinig over dieren. De oude dierenideologie biedt dus vrijwel geen houvast voor een coherente politieke lijn tegenover oorlog. Aan de ene kant kan oppositie tegenover de Oekraïneoorlog eruit gerechtvaardigd worden, maar tegelijkertijd kan het ook worden gebruikt voor afzijdig conservatisme op andere thema’s. Het afsplitsingsproject Vrede Voor Dieren lost dit onderliggende probleem met de dierenideologie niet op.
Vanuit dit oogpunt zou een toenemende focus op sociale rechtvaardigheid van PvdD, die Ouwehand verweten wordt door partijprominenten, dus toe te juichen zijn omdat daarmee wel voorbij de tekortkomingen van de dierenideologie wordt gegaan. Het ecologische utopisch-socialistische standpunt van de PvdD biedt echter ook geen houvast omdat het niet is geformuleerd vanuit de politieke belangen van de arbeidersklasse noch vanuit een strategie die zich verhoudt tot het kapitalistische klassekarakter van de staat. Hun ‘principiële oppositie’ beperkt zich tot ecologische thema’s en een beroep op de burgerlijke klasse om hieraan concessies te doen. Dit zorgt ervoor dat zij wel buiten coalitieregeringen op landelijk niveau blijven, maar de oppositie niet doorvoert tot oppositie tegen de oorlogen van ‘onze’ staat of het imperialistische karakter daarvan.
Hierdoor verlenen zij net als veel andere groene partijen, ingegeven door de wapenlobby, in Europa enthousiaste steun aan oorlog vanuit ecologisch perspectief.
De laatste tijd heeft de partij veel steun verworven onder links door oppositie tegen de genocide in Palestina, Esther Ouwehand verscheen zelfs in een Palestijnse vlag in de Tweede Kamer. Maar de realiteit is minder rooskleurig. Het NAVO standpunt van de PvdD is vrijwel identiek aan dat van de SP, met slechts variatie in de exacte verwoording en enkele smaakverschillen. Ze willen een NAVO 2.0, zonder de Verenigde Staten en gekaderd in het burgerlijk recht. Ze steunen wapenleveranties aan Oekraïne, maar op voorwaarde van aanmoediging van diplomatieke contacten en een verbod op export van ‘verboden’ wapens. (Zie punten over de SP voor verdere duiding hiervan). In tegenstelling tot de SP heeft de PvdD zich enthousiast achter het Rearm Europe plan geschaard. Dit ging gepaard met een optreden van de band Pussy Riot op het partijcongres, om de steun voor imperialisme muzikaal te omlijsten. Eerder dit jaar stemde de partij ook al voor een Europees leger. Deze keuze valt te verklaren vanuit het gebrek aan een klassenanalyse van het karakter van de staat. Hierdoor kiezen zij, ingegeven door de wapenlobby, net als veel andere ecologische of groene partijen in Europa voor steun aan oorlog, omdat dat de rechtsstaat redt en de rechtsstaat nodig is voor ecologisch beleid 5. PvdD zoekt dus expliciet aansluiting bij de facties van de burgerij die zich richten op het faciliteren van imperialisme door supranationale samenwerkingen. Dit maakt het standpunt met betrekking tot Palestina lastig. Gezien de versmelting van de Europese wapenindustrie met Israël, leidt de steun voor de een in feite ook tot een steun voor de ander. Dit geldt overigens ook voor het plan voor een nationale wapenindustrie van de SP, de Nederlandse wapenindustrie is evengoed extreem vervlochten met Israël.
Hoewel de achterliggende problemen bij zowel de PvdD als de SP vrijwel identiek zijn, verleent de PvdD meer onmiddellijke steun voor militarisme omdat zij voor de plannen van onder andere ReArm Europe stemmen. De SP stemt momenteel tegen een gedeelte van die plannen omdat zij een alternatief plan hebben van een nationale wapenindustrie. Hierdoor is de steun van de SP minder onmiddelijk dan die van de PvdD, maar niet minder imperialistisch.
BIJ1
Sinds het opstappen van Sylvana Simons en het vervolgens verdwijnen van BIJ1 uit de Tweede Kamer heeft zich een ineenstorting van de partij afgespeeld. Hierbij zijn veel van de langer bestaande onderliggende problemen nog meer naar de oppervlakte gekomen. Het voert te ver om in een stemadvies een uitgebreide analyse te maken van het verval van BIJ1 maar kortgezegd zien we dat door het intersectionele karakter (in feite een vorm van volksfrontpolitiek 6) een brede groep leden is aangetrokken van marxisten tot NGO-personeel, verschillende groepen vanuit de activistische bewegingen, maar ook evangelische christenen met zionistische sympathieën. De partij is onder het leiderschap van Sylvana Simons en partijvoorzitter Rebekka Timmer er niet in geslaagd om een succesvolle afdelingsstructuur op te bouwen of eenheid te smeden. Daardoor werd de partij al snel gekarakteriseerd door interne ruzies, afsplitsende raadsleden, en om dit allemaal in toom te houden antidemocratische maatregelen op online congressen. Met Sylvana Simons als charismatische leider kon de eenheid bewaard worden maar na haar vertrek viel het snel ineen. Sindsdien is er alleen nog in Utrecht een succesvolle raadsfractie en zijn verder alle structuren in hoog tempo ingestort. Met voormalig GroenLinkser Tofik Dibi lijkt de partij terug te gaan naar het oude model van mikken op electoraal succes en eenheid smeden rondom een bekende naam. Het is onwaarschijnlijk dat dit ditmaal gaat lukken.
Het programma van BIJ1 vliegt ideologisch alle kanten op, een coherente visie op maatschappijverandering ontbreekt, maar is wel consequent tegen militarisering. Maar de partij is op dit moment een romppartij en het is waarschijnlijk dat deze verkiezingen de laatste strohalm zijn van dit project. Vanuit principiële overwegingen is het stemmen voor BIJ1 logisch, maar dit is waarschijnlijk vooral een signaalstem.
Zoals opgemerkt in ons vorige stemadvies is er steeds minder reden om een stem op partijen zoals de SP te verantwoorden, en in ons vorige stemadvies hebben we dit dus ook niet gedaan. Met het instorten van BIJ1 valt een potentieel alternatief op partijen als de SP en PvdD weg. Het is bittere noodzaak om ons als communisten te verenigen in de RSP om zo te bouwen aan een blok voor een communistisch programma vanuit principiële oppositie tegen de kapitalistische staat en imperialistische oorlog, ook in het parlement.
Vorige TK advies CP: https://communisme.nu/artikelen/2023/11/19/stemadvies-een-kritische-stem-op-bij1/
- Intern Bulletin 44, p.4 ↩
- www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/BRIE/2025/769566/EPRS_BRI(2025)769566_EN.pdf ↩
- linksboven.org/over-linksboven/ ↩
- www.volkskrant.nl/columns-opinie/opinie-om-relevant-te-blijven-moet-de-sp-samengaan-met-groenlinks-pvda~b5bc30e1/ ↩
- Dit standpunt wordt woordelijk afgeleid van de wapenlobby ‘However, the type of greenwashing we are focusing on here is more about a shift in narrative, one that links security with sustainability. The industry argues that a stable defence sector is a prerequisite for safeguarding peace and stability, while also being essential for addressing environmental and social challenges.’ (zie: enaat.org/wp-content/uploads/2023/12/ENAAT-Report-WarLobby2WarEconomy_Sept2023-FINAL.pdf) ↩
- Zie bijv: https://communisme.nu/artikelen/2021/05/10/intersectionaliteit-en-marxistische-vrouwenemancipatie/ ↩

