De verkiezingen in Noorwegen eindigden in een linkse meerderheid. Kan de radicaallinkse partij Rødt vasthouden aan haar principes? Filip Spijkerman doet verslag.
Op 8 september 2025 gingen de Noren naar de stembus. Met een nipte meerderheid van 87 van de 169 zetels kwamen de linkse partijen als winnaar uit de verkiezingen. Daarmee lijkt het erop dat Jonas Gahr Støre van de sociaaldemocratische Arbeiderspartij (Arbeiderpartiet, Ap), die op 53 zetels kan rekenen, kan aanblijven als premier. De winst van Ap wordt onder andere toegeschreven aan de terugkomst van de populaire ex-premier Jens Stoltenberg in de Noorse politiek. Nadat onze eigen Mark Rutte hem verving als secretaris-generaal van de NAVO, werd Stoltenberg minister van Financiën in het kabinet dat eerder dit jaar uit elkaar viel. Støre en Stoltenberg lieten de dag na de verkiezingen al blijken het erg waarschijnlijk te achten dat ze doorgaan als premier en minister.1 Om meerderheden te halen zal Ap wel op zoek moeten naar steun van de overige vier linkse partijen, die elk acht of negen zetels hebben gekregen.
Aan de rechterzijde is een grote verschuiving te zien. Waar de conservatieve partij Høyre (Rechts) de afgelopen twintig jaar de grootste was op rechts, heeft de rechtspopulistische Vooruitgangspartij (Fremskrittspartiet, Frp), die zich met name keert tegen belastingen en migranten, het stokje weer overgenomen. Al met al groeien de rechtse partijen, die in de volksmond ook wel de ‘burgerlijke’ partijen worden genoemd, gezamenlijk met veertien zetels.
Het rechtse blok heeft de groei onder andere te danken aan de agrarische Centrumpartij (Senterpartiet, Sp), die na hun vertrek in februari 2025 uit Støres minderheidskabinet (Ap en Sp) een verlies van negentien zetels behaalt. Reden voor vertrek was onenigheid over het implementeren van EU-regelgeving in het kader van energiepolitiek.2 De houding ten opzichte van de Europese Unie is vaker een splijtzwam in de Noorse politiek: hoewel het Noorse volk tot twee keer toe tegen toetreden tot de EU stemde (53,5% ‘nee’ in 1972, 52,2% in 1994), is Noorwegen wel lid van de Europese Economische Ruimte (EER) en moet het daarom bepaalde EU-wetgeving invoeren. Waar Ap en Høyre voor toetreden tot de EU zijn, zijn de meeste andere partijen tegen. De (formeel) revolutionair-socialistische partij Rødt (Rood) en Sp willen het liefst ook uit de EER; de reformistische Linkse Socialistische Partij (Sosialistisk Venstreparti, SV) wil de EER hervormen om minder soevereiniteit op te geven.
Minderheidsregering
Voor een linkse meerderheidsregering zou Ap alle vier de andere partijen aan de linkerzijde nodig hebben: Milieupartij de Groenen (Miljøpartiet De Grønne, MDG) met acht zetels, en Sp, SV en Rødt met elk negen zetels. Dat zal naar alle waarschijnlijkheid niet gebeuren: Sp stapte eerder dit jaar immers uit een coalitie met Ap, en van Rødt en SV kan Ap sterke tegenstand verwachten als het aankomt op de EU of investeringen in Israël. Ap buiten beschouwing gelaten kunnen de overige vier partijen ook niet met elkaar overweg. Een eenpartijregering, met een minderheid weliswaar – de afgelopen twintig jaar de norm –, is waar Ap op inzet.3 Desondanks zullen de sociaaldemocraten gelegenheidsmeerderheden moeten vinden, waarvoor rechts zich niet snel zal lenen en dus naar links moet worden gekeken.
Aan het linkeruiteinde keren de socialistische partijen Rødt en SV zich tegen EU en EER, omdat die voor Noorwegen het importeren van ‘de rechtse Brusselse politiek’ zouden betekenen. Een ander belangrijk principe voor deze partijen is het terugtrekken van het Noorse Oliefonds uit Israëlische bedrijven. Voor SV gaat het om de bedrijven die in strijd met het internationaal recht handelen, voor Rødt om de hele Israëlische economie. Het Oliefonds, waarin de Noorse staat de winst van olie-export investeert, is ’s werelds grootste pensioenfonds, ter waarde van bijna twee biljoen dollar (1,5% van alle beursgenoteerde bedrijven wereldwijd). Daarvan zit bijvoorbeeld ruim twintig miljard euro in Nederlandse bedrijven: de Noorse staat bezit zeven procent van het moederbedrijf van Thuisbezorgd, zes procent van verzekeringsmaatschappij ASR, en rond de twee procent van bedrijven als Heineken, ASML en Ahold Delhaize.4
De Noorse socialisten is het meer te doen om de Israëlische bedrijven, waarin nog ruim twee miljard dollar aan investeringen van het Oliefonds zitten. Al langer is een lijst van bedrijven uitgesloten van het Oliefonds om ethische redenen, zoals de productie van kolen, kernwapens (o.a. Airbus en Boeing) of tabak, maar ook op grond van ‘serieuze mensenrechtenschendingen in oorlogs- of conflictsituaties’. Onder druk van de Palestinabeweging zijn er de afgelopen jaren stappen gezet om te desinvesteren in de Israëlische economie, maar een gehele boycot blijft vooralsnog uit; dit is dan ook de belangrijkste eis van de Noorse Palestinabeweging.5

Deze eis (‘Oljefondet ut av Israel’) legt ook duidelijk de hypocrisie van de sociaaldemocraten bloot: hoewel de Noorse politiek over het algemeen een stuk meer aan de kant van de Palestijnen staat dan de Nederlandse politiek en Ap zich presenteert als een bondgenoot van Palestina6, trekt de staat zich nog maar mondjesmaat terug uit de Israëlische economie. Daarnaast vinden de socialistische partijen überhaupt dat de Noorse welvaart niet gebaseerd moet zijn op de export van fossiele brandstoffen, en ze willen zo snel mogelijk stoppen met het boren naar olie – in tegenstelling tot Ap, dat een vage horizon in 2050 schetst.
Het is dus nog maar de vraag of Rødt en SV bereid zullen zijn om Ap aan meerderheden te helpen.
Rødt en regeren
Rødt ziet in ieder geval kansen om invloed te hebben op het regeringsbeleid. ‘Nu hebben wij een voet tussen de deur’, begon partijleider Marie Sneve Martinussen van Rødt haar speech nadat de verkiezingsuitslag bekend werd.7 De kleine maar toch bestaande groei van acht naar negen zetels betekent het bestendigen van de resultaten van 2017 en 2021, de eerdere twee verkiezingen waarbij de partij in het nationale parlement werd gekozen (met één en vervolgens acht zetels). ‘Rødt blijft geschiedenis schrijven, Rødt is geen eendagsvlieg’, vat Martinussen het samen.
Omdat alle vijf linkse partijen nodig zijn voor een linkse meerderheid, zal Ap ook naar Rødt moeten kijken om wetsvoorstellen door het parlement te krijgen. En Rødt staat te popelen: ‘Aan Støre (Ap), Vedum (Sp), Bergstø (SV) en Harmstad (MDG): Rødt is er klaar voor om samen te werken en resultaten te boeken’, aldus Martinussen. De prioriteiten: het stoppen van Sylvie Listhaug (Frp), inkomensverschillen verkleinen, het versterken van welzijn en democratie, en ‘heel veel meer’ doen voor Palestina. Liever dan een ‘slalombeleid’ van Ap, waar de partij meerderheden op links of op rechts zoekt afhankelijk van wat ze uitkomt, ziet Rødt een samenwerking van de hele linkerzijde – of zoals Høyreleider Erna Solberg het noemt: een ‘tuttifrutticoalitie’.
Aan een formele coalitieregering zal Rødt zich niet zo snel binden – zelfs de meer gematigde SV en Sp verkozen eerder gedoogsteun aan een minderheidsregering van Ap boven meeregeren –, maar het is onduidelijk hoe principieel ze zich zal opstellen als het op samenwerking aankomt. Martinussen is er enigszins vaag over:
‘Wie alleen principes heeft en nooit pragmatisme, die staat in feite stil. Maar als je alleen pragmatisme hebt en geen principes, dan kun je net zo goed helemaal de verkeerde kant opgaan. En geen van deze twee opties brengt de verandering die nodig is. Dus wij in Rødt houden vast aan onze socialistische principes. Niet als versiering, maar om ze te gebruiken om feitelijke verandering in Noorwegen te maken. Dat is onze socialistische strategie.’
De taal lijkt te impliceren dat de partij best vatbaar is voor compromissen met andere partijen, maar op een of andere manier geleid door de socialistische principes. Martinussen lijkt meer gericht op samenwerking dan op principiële oppositie. De fractie heeft de afgelopen regeringsperiode niet altijd een even principiële houding laten zien, met name als het aankomt op militarisme, waarover zo meer.
In het eigen beginselprogramma keert de partij zich desondanks tegen regeringsdeelname. Ze stelt dat een reformistische strategie ‘nooit tot het socialisme zal kunnen leiden’. ‘Als een revolutionair-socialistische partij is het niet de taak van Rødt om het kapitalisme vanuit een regeringspositie te managen. (…) Historisch hebben we gezien dat socialistische partijen met een reformistische strategie uiteindelijk loyaal aan het systeem zijn geworden en het doel van het socialisme hebben losgelaten zodra ze aan de macht kwamen.’ Het is nog maar de vraag hoe de fractie het programma in de praktijk zal toepassen; in 2024 weigerde Martinussen in een interview om het woord ‘communisme’, waarmee het programma afsluit (‘een klasseloze samenleving (…), wat Karl Marx communisme noemde’), te verdedigen.8
Militarisme: internationalistisch of nationalistisch?
In veel opzichten onderscheidt Rødt zich maar weinig van de andere socialistische partij SV. In het overzicht dat publieke omroep NRK maakte van de partijstandpunten op zeventien onderwerpen zijn er slechts drie verschillen: over wonen in stad of dorp, over basisschool vanaf zes of zeven jaar, en over defensie.9 SV is niet principieel tegen de NAVO, maar wil haar beperken tot een ‘defensieve alliantie’ en minder afhankelijk maken van de VS.10 Rødt ziet de NAVO echter als imperialistisch instrument van de VS en pleit ervoor dat Noorwegen uit de NAVO treedt. Aan de andere kant moet daar volgens de partij een defensieve alliantie van de Noordse landen voor in de plaats komen, en moet de nationale defensie in Noorwegen ‘heropgebouwd’ worden om de eigen ‘zelfstandigheid’ te bewaken.11
We moeten deze standpunten zien binnen de geopolitieke context waarin Noorwegen zich bevindt: enerzijds grenst het land aan Rusland, zij het helemaal in het Noorden, en anderzijds heeft de VS twaalf militaire bases op Noors grondgebied.12 Onder andere door de oorlog in Oekraïne meent Rødt een ‘realistisch’ alternatief te moeten bieden op het imperialisme van de VS en de NAVO om Noorwegen te beschermen tegen de Russische ‘dreiging’. In 2023 sprak het partijcongres al steun uit voor ‘Oekraïnes rechtvaardige vrijheidsstrijd’ en voor wapensteun13, hoewel voormalig partijleider en fractielid Bjørnar Moxnes wel enigszins kritisch is op de rol van de NAVO.14 Net als in het geval van de EU is het antwoord van de partij: nationale, of hoogstens Noordse, soevereiniteit. Om de NAVO te kunnen verlaten, zou Noorwegen een eigen sterke defensie moeten hebben.
De noodzaak van een sterke nationale defensie is redelijk algemeen geaccepteerd in de partij. Al in het verkiezingsprogramma in 2017, voordat Rødt in het parlement kwam, was dit standpunt opgenomen. Wat wel tot interne opschudding leidde, was een stem van de parlementaire fractie in 2024 voor een defensieplan van de overheid (‘forsvarsforliket’), waarin de staat zich militair verbindt aan de NAVO en de VS.15 Dit plan werd unaniem aangenomen door het parlement, zonder enig wijzigingsvoorstel vanuit Rødt. Wel sprak de fractie zich in mondelinge bijdrages uit tegen afhankelijkheid van de VS en voor uittreden uit de NAVO. Intern zei de fractie alleen gestemd te hebben voor de elementen van het plan die de versterking van de nationale defensie betroffen, alleen voor de verdediging van Noorwegen. Maar ze stemde voor het hele plan, dat bijvoorbeeld stelt dat alle militaire uitrusting beschikbaar gesteld moet worden voor buitenlandse operaties.
De intenties die de Rødtfractie had voor haar stem hebben uiteraard nul komma nul invloed als ze niet schriftelijk zijn opgenomen in het overheidsplan. Bovendien is er geen zinnig onderscheid te maken tussen defensief en offensief als het aankomt op militarisme van de kapitalistische staat. Het willen steunen van Oekraïne met wapens betekent in de praktijk, hoeveel kritische noten op de NAVO je ook toevoegt, je scharen achter de imperialistische oorlogsdoelen van VS, EU en NAVO. Het verhaal van nationale militaire soevereiniteit is dus slechts een rookgordijn dat de sociaalimperialistische leiding van Rødt opwerpt om te verhullen dat ze zich schaart achter de omcirkeling van Rusland. Socialisten moeten elke vorm van steun aan de militaire tak van de burgerlijke staat afwijzen, en in plaats daarvan eisen moeten stellen als het afschaffen van het staand leger en dat vervangen door universele militaire training en een volksleger.16
Op het congres van 2025 was forsvarsforliket daarom een hot topic. Een aanzienlijke minderheid van de afgevaardigden, onder andere van jongerenorganisatie Rød Ungdom en afdelingen in Oslo en het noorden van Noorwegen, wilden dat Rødt afstand nam van dit overheidsplan. Een meerderheid steunde echter de fractie (die ook een belangrijke rol speelt in het interne bestuur van de partij). In het arbeidsprogramm – vergelijkbaar met wat wij in Communistisch Platform en de RSP de perspectieventekst noemen – voor de periode 2025-2029 werd de volgende formulering ongewijzigd aangenomen:
‘Rødt wil (…) het nationale defensievermogen versterken. Daarom heeft Rødt zich aangesloten bij forsvarsforliket. (…) Deze aansluiting betekent niet dat de partij het regeringsvoorstel in zijn geheel steunt. Rødts tegenstand tegen de afhankelijkheid van de VS, de NAVO en Amerikaanse militaire bases ligt vast, en het akkoord zal geen beperkingen opleggen aan de krachtige oppositie van Rødt in buitenlandse en veiligheidspolitiek.’17
Ondanks een redelijk breed gedeelde ontevredenheid met de partijleiding, wil het de kritische leden nog niet lukken om de partij een andere richting op te sturen. Een kleine overwinning voor de linkerflank waren de laatste bestuursverkiezingen van Rød Ungdom, waar communisten wonnen van kandidaten van de rechterflank (met baantjes in de partijleiding op het oog), ondanks bureaucratische zuiveringspogingen voorafgaand aan de verkiezingen.18 Maar een dergelijke overwinning in de moederpartij blijft nog uit. Ongetwijfeld helpen de structuren niet mee: infrequente congressen, een gebrek aan een intern discussieplatform en de makkelijke toegang van de partijleiding tot de media (zoals de linksige krant Klassekampen), in de context van een grote geografische spreiding wat onderling contact tussen afdelingen en leden bemoeilijkt, maken dat een groot deel van de partij achter de leiding aan blijft lopen.
Toch heeft de steun van het Rødtcongres voor forsvarsforliket wel iets losgemaakt. Zo sprak mede-operichter van Rødts voorloper en oud-voorzitter Torstein Dahle zich openlijk uit tegen deze steun.19 En in Oslo is in juni dit jaar een ‘vredesnetwerk’ binnen Rødt opgericht, dat zich uitspreekt voor demilitarisering en neutraliteit in plaats van militaire allianties. Maar dit netwerk zet zich ook breder in voor progressieve punten, zoals het steunen van vakbonden als strijdorganisaties en het verbeteren van de interne democratie, door onder meer het versterken van de democratische positie van de lokale afdelingen en openbaarheid van notulen van bestuur en partijraad.
Hoewel de partijtop op dit moment dus nog niet bereid lijkt te zijn tot het deelnemen aan een coalitieregering, is er een duidelijke trend in die richting zichtbaar: zie de steun voor de Oekraïneoorlog en defensieplannen, het afstand nemen van communisme, het toejuichen van ‘pragmatisme’ en de aanvallen op de jongerenorganisatie. Deze trend betekent dat de partij zich op langere termijn klaarmaakt om een aanvaardbare partner te worden voor kapitalistische partijen; ofwel door deelname aan een coalitieregering ofwel door steun aan een minderheidsregering.
Als meest linkse partij in het Noorse politieke bestel trekt Rødt, die haar oorsprong heeft in het maoïsme, ook een hoop marxisten aan, niet in de laatste plaats via haar jongerenorganisatie. Het is bittere noodzaak dat zij zich organiseren rondom hun politiek en strijden voor een principieel programma en een verregaande democratisering van de partijstructuur – met een bijbehorende principiële parlementaire praktijk. Dat is de enige manier waarop Rødt gered kan worden uit de valkuil van regeringsdeelname.
- NRK, ‘Jens Stoltenberg vil fortsette som finansminister’, https://www.nrk.no/nyheter/jens-stoltenberg-vil-fortsette-som-finansminister-1.17563622.=. ↩
- NRK, ‘EUs fjerde energimarknadspakke forklart: Kva det betyr for Noreg og regjeringa’, https://www.nrk.no/vestland/eus-fjerde-energimarknadspakke-forklart_-kva-det-betyr-for-noreg-og-regjeringa-1.17218072. ↩
- NRK, ‘Statsminister Jonas Gahr Støre møter pressen etter valgseieren’, https://www.nrk.no/norge/statsminister-jonas-gahr-store-moter-pressen-etter-valgseieren-1.17562830 ↩
- Norges Bank Investment Management, ‘All investments’, https://www.nbim.no/en/investments/all-investments/#/2025/investments/equities. ↩
- Norges Bank Investment Management, ‘Observation and exclusion of companies’, https://www.nbim.no/en/responsible-investment/ethical-exclusions/exclusion-of-companies/. ↩
- Arbeiderpartiet, ‘Palestina’, https://www.arbeiderpartiet.no/politikken/palestina/. ↩
- Marie Sneve Martinussen, ‘Ei sterk kraft for forandring’ (9 september 2025), https://roedt.no/blogg/ei-sterk-kraft-for-forandring. Toespraak te zien via https://www.youtube.com/live/5SdZyiXN4f0?t=7479. ↩
- NRK, ‘Rødt-leder Marie Sneve Martinussen om bråket: – Mitt ansvar å si ifra’ (20 mei 2024), https://www.nrk.no/norge/rodt-leder-marie-sneve-martinussen-om-braket_-_-mitt-ansvar-a-si-ifra-1.16884216. ↩
- NRK, ‘Partiguiden 2025’, https://www.nrk.no/valg/2025/partiguide/nb/politikken/forsvare-norge. ↩
- SV, ‘Alliansepolitikk’, https://www.sv.no/blog/a-aa/alliansepolitikk/. ↩
- Rødt, ‘Forsvarspolitikk’, https://roedt.no/forsvarspolitikk. ↩
- Document, ‘USA med 12 egne baser på norsk jord’ (30 mei 2024), https://www.document.no/2024/05/30/usa-med-12-egne-baser-pa-norsk-jord/. ↩
- Rødt, ‘Rødt støtter Ukrainas kamp for frihet’, https://roedt.no/rodt-stotter-ukrainas-kamp-for-frihet. ↩
- Anders Lohne Fosse, ‘Bjørnar Moxnes: – Selvsagt har Nato bidratt til å øke konfliktnivået mot Russland’ (Nettavisen, 24 maart 2024), https://www.nettavisen.no/nyheter/bjornar-moxnes-selvsagt-har-nato-bidratt-til-a-oke-konfliktnivaet-mot-russland/s/5-95-1720167. ↩
- Op https://forliket.blog is een groot aantal documenten over Rødt en de discussie rond forsvarsforliket verzameld. ↩
- Zie ook Communistisch Platform, ‘Ons programma’, paragraaf 2.3: ‘Milities’, https://communisme.nu/onmiddellijke-eisen/#23_Milities. ↩
- Rødt, ‘Rødts arbeidsprogramm 2025–2029’, beschikbaar via https://roedt.no/styringsdokumenter. ↩
- Zie bijvoorbeeld het verslag Sondre Alvestad, ‘Tirannie bij de Rode Jeugd’ (Paraat, 27 mei 2025), https://weesparaat.nl/tirannie-bij-de-rode-jeugd/. ↩
- Magne Hagesæter en Torstein Dahle, ‘Rødt stemte feil’ (Klassekampen, 22 februari 2025), https://forliket.blog/2025/02/22/rodt-stemte-feil/. Dit artikel werd een week voor het Rødtcongres van 2025 gepubliceerd. ↩

