De ontwikkeling van een programma
De ontwikkeling van een programma

De ontwikkeling van een programma

Welke discussies gingen er vooraf aan de publicatie van het nieuwe voorstelprogramma van Communistisch Platform? Andries Stroper doet verslag. 

Op 29 januari lanceerde het Communistisch Platform haar nieuwe programma: Kompas, een voorstelprogramma voor de arbeidersklasse . Op een goedbezochte bijeenkomst presenteerden we ons nieuwste “wapen in de klassenstrijd” aan een publiek van Nederlandse en Duitse kameraden. 

Als Communistisch Platform zien wij openheid over onze meningsverschillen als een belangrijk fundament van onze organisatie. Om de arbeidersbeweging te ontwikkelen moeten onze standpunten niet worden gepresenteerd als eeuwige waarheden, maar juist in de context van open democratische discussie worden geplaatst. Door deze discussie niet binnenskamers te houden kunnen belangrijke programmatische discussies helpen om de arbeidersbeweging verder te ontwikkelen. In dit artikel zal ik kort uiteenzetten in welke opzichten ons nieuwe programma verschilt van het oude, en welke discussies er plaatsvonden in onze organisatie tijdens het opstellen van Kompas. De komende tijd zal Communistisch Platform ook discussiestukken die onderdeel waren van deze programmadiscussie publiceren.

Ons nieuwe programma is geschreven in de loop van 2020 en 2021. Een eerste ontwerp werd opgesteld door een verkozen programmacommissie, wat de basis vormde voor zowel interne als openbare discussies. Na verschillende discussierondes op onze aggregaatvergaderingen werd de laatste versie in augustus 2021 door de leden van het Communistisch Platform aangenomen.

Kompas verschilt op een aantal manieren van ons vorige ontwerpprogramma, dat gemakshalve ook Kompas werd genoemd. De eerste versie van Kompas, aangenomen in 2015, was sterk gebaseerd op het Draft Programme van de Communist Party of Great Britain (CPGB-PCC). Beide hadden een vergelijkbare politiek en waren geschreven als minimum-maximum-programma’s. Maar onze slordige vertalingen van hele passages uit het programma van de CPGB weerspiegelden de onvolwassenheid van onze organisatie in die tijd. Het bevatte veel anglicismen en slecht gekozen formuleringen, die afbreuk deden aan de inhoudelijke kracht van het programma . Hoewel het nieuwe Kompas in zekere zin meer van hetzelfde is – het is nog steeds een minimum-maximum-programma en de politieke kern van het document is grotendeels ongewijzigd gebleven – is het bekritiseerd, gemoderniseerd, verbeterd en aangepast aan onze huidige situatie.

Tussen 2015 en 2020 was er sprake van aanhoudende discussies over deze of gene eis, en werden enkele kleine wijzigingen in ons programma door de leden ingebracht en goedgekeurd. Toen de voorraad fysieke exemplaren van onze eerste programma op raakten, hebben we van de gelegenheid gebruik gemaakt om een breder debat over het programma te voeren. Onze organisatie is sinds 2015 aanzienlijk gegroeid, zowel in omvang als in politiek, en er was een breed gedragen gevoel dat we het programma konden verbeteren, aangezien het ons belangrijkste politieke wapen is in de bredere arbeidersbeweging.

De eerste opvallende verandering is de meer “communistische” formulering van het programma. Het oorspronkelijke Kompas was geschreven als een voorstel aan de leden van de Socialistische Partij, waar (delen van) ons voorstelprogramma aangenomen hadden kunnen worden op een partijcongres. Het nieuwe Kompas is echter duidelijk gericht op de opbouw van een communistische massapartij – de partij die nu nog niet bestaat, maar waar we wel voor strijden. Dit was een van de allereerste wijzigingen die werden voorgesteld.

De rest van de veranderingen zijn te talrijk om hier te behandelen, dus ik zal me concentreren op enkele van de belangrijkste discussies en veranderingen.

Een van de minder omstreden voorstellen was om ‘arbeid’ te veranderen in ‘arbeidskracht’ in zinnen als: “Om te overleven moest [de arbeidersklasse] de enige waar verkopen die ze te bieden had: [haar] arbeidskracht.”. Eerlijk gezegd was dit een nalatigheid van ons, aangezien het verschil tussen arbeid en arbeidskracht een belangrijk verschil is waar Marx uitvoerig op is ingegaan.

De eerste omstreden kwestie werd aan de orde gesteld door Gijs Muis, die betoogde dat het onjuist en sektarisch is om het stalinisme een vorm van anticommunisme te noemen. Hij stelde dat de ‘reëel bestaande socialistische’ regimes bureaucratisch vervormd waren, maar dat de bureaucratie altijd nog tenminste  nominaal naar het communisme streefde. Bovendien zou het stalinisme “anticommunistisch” noemen akelig dicht in de buurt komen van de liberale opvatting dat stalinisme en nazisme even afschuwelijk waren. We moeten lering trekken uit deze historische ervaring, zowel in positieve als in negatieve zin, aldus kameraad Muis, en het wegzetten van stalinisme als “anti-communistisch” zou ertoe kunnen leiden dat we de lessen van die periode negeren. Als laatste pleitte hij tegen dit standpunt omdat het vervreemdend zou zijn voor kameraden in de beweging die zich laten inspireren door de ‘marxistisch-leninistische’ traditie.

Kameraad Muis vormde een minderheid op dit standpunt en zijn amendement om de passage uit ons programma te schrappen werd verworpen. Zijn tegenstanders betoogden dat het stalinisme een blok aan het been van de communistische beweging is, historisch reactionair en verantwoordelijk voor de onnodige dood van talloze communisten. Misschien nog erger is dat moderne stalinisten de bureaucratische structuren en de politiek van klassencollaboratie kopiëren die hun beweging keer op keer naar een doodlopende weg zullen leiden. De combinatie van de schade die het stalinisme heeft aangericht aan de communistische beweging, haar vijandigheid tegenover  democratie en transparantie en de doodlopende strategie die inzet op samenwerking met burgerlijke partijen was volgens de leden voldoende om stalinisme als anti-communistisch te karakteriseren. Er was een sterke wens onder onze leden om ons te distantiëren van de stalinistische politiek en haar erfenis.

Een ander punt dat in de debatten naar voren kwam was de kwestie van de arbeidersmilities. Hoewel de eis van een proletarische zelfverdedigingsorganisatie door iedereen werd aanvaard, maakten onze ervaringen met de partijstrijd binnen de SP ons bewuster van onze formuleringen. Zowel de bureaucratie van de SP als de burgerlijke pers hebben hun uiterste best gedaan om ons af te schilderen als gevaarlijke terroristen, die letterlijk wapens aan het opslaan waren op onze zolders ter voorbereiding van een burgeroorlog. Hoewel de meeste mensen in staat waren om door deze belachelijke beschuldigingen heen te kijken (en we er zelf ook hartelijk om hebben kunnen lachen), werd het ons duidelijk dat we de logica achter en de noodzaak van onze eis niet voldoende hadden uitgelegd.


Oorspronkelijk was in de eerste versie voor ons vernieuwde programma de eis opgenomen dat “de arbeidersklasse zich moet bewapenen met alle wapens die tot haar beschikking staan” zodra de omstandigheden van de klassenstrijd dat toelaten. Een verduidelijking werd toegevoegd, waarin stond dat we ons verzetten tegen een ondemocratische “gewapende professionele kaste” en dat ”alhoewel wij streven naar een vreedzame machtsovername van de arbeidersklasse kennen wij onze geschiedenis; de heersende klasse zal nooit vrijwillig hun macht weggeven. Om dat te realiseren moet de meerderheid van de bevolking zichzelf kunnen verdedigen.”

Er is natuurlijk nog veel meer ter sprake gekomen, waaronder de transgendergezondheidszorg; de status van Caribisch Nederland; de vraag of we al dan niet culturele eisen in een minimumprogramma moeten opnemen (dat moeten we, concludeerden de leden); en een discussie over de rol van geld in de overgang naar het communisme na de revolutie, waarbij één voorstel een sterke nadruk legde op arbeidstijd-economie in de zin waarover Marx sprak in zijn Kritiek op het Gotha-programma, maar ook dit werd verworpen. 

Afgezien van al deze vaak kleine veranderingen is de kern van het programma relatief onaangetast gebleven. Na over 102 amendementen en 1 motie gestemd te hebben werd Kompas, een voorstelprogramma voor de arbeidersklasse unaniem aangenomen op het tweede programma-aggregaat op 8 augustus 2021. Alhoewel we graag eerder ons nieuwe programma aan de wereld hadden willen vertonen, was het vanwege de coronamaatregelen helaas pas mogelijk om eind januari een lanceringsevenement te organiseren. Het is in zijn volledige vorm gratis te vinden op onze website, maar via socialistische non-profit webshop De Rode Lap is voor een zacht prijsje een papieren versie te bestellen.

Het programma dient als uitgangspunt voor eenheid in ons gezamenlijk handelen. Iedereen die het programma accepteert wordt gevraagd zich aan te sluiten en zich hiervoor in te zetten bij het Communistisch Platform.


Het Communistisch Platform verschaft kameraden uit alle hoeken van de socialistische beweging de mogelijkheid van communisme.nu gebruik te maken om discussie te voeren. Tenzij anders vermeld zijn gepubliceerde artikelen en brieven daarom niet per se representatief voor de opvattingen van het Communistisch Platform.

Ga terug naar: Het communisme // Ga door naar: