Het volgende stemadvies is samengesteld door het bestuur van Communistisch Platform.
Net zoals bij de vorige verkiezingen (de Tweede Kamerverkiezingen van oktober 2025) heeft de RSP geen stemadvies uitgebracht, hoewel er wel RSP-afdelingen zijn die meedoen aan gemeenteraadsverkiezingen. RSP-afdeling Utrecht (die zelf overigens niet meedoet) heeft wel een stemadvies geschreven, dit is een stap voorwaarts.
Het is belangrijk om eerst te benoemen dat een stemadvies momenteel niet alleen relevant is omdat er twee afdelingen van de RSP meedoen aan de verkiezingen, maar ook omdat verkiezingen een bij uitstek nuttig agitatiemoment zijn. De interesse in politiek bij het merendeel van de klasse wordt immers groter tijdens verkiezingsperiodes. Als revolutionair links moeten we daarvan gebruik maken. Ook moeten we verkiezingen gebruiken om de illusies in burgerlijke partijen bloot te leggen, om parlementaire organen te bekritiseren en om kritisch te kijken naar de programma’s en buitenparlementaire activiteiten van partijen om hiervan te kunnen leren.
Hierom is het des te opvallender dat er relatief weinig aandacht wordt besteed binnen revolutionair links aan electorale politiek. Op dit moment opereert links grotendeels in de marge, wat als gevolg heeft dat een deelname van bijvoorbeeld de RSP betekent dat de ruimte voor projecten als BIJ1 kleiner wordt. Dit moet op zichzelf geen reden zijn voor de RSP om niet deel te nemen aan verkiezingen. Maar het betekent wel, zolang de RSP niet deelneemt, dat afdelingen een stemadvies kunnen gebruiken om druk te zetten op andere partijen, bijvoorbeeld om gedurende de raadsperiode bepaalde voorstellen vanuit de RSP in te dienen. Op deze manier kunnen wij elementen van partijen als BIJ1 richting klassenpolitiek duwen, en tegelijkertijd de politiek van deze partijen openlijk bekritiseren wanneer zij hiertoe niet bereid zijn.
Een stemadvies draait dus niet puur om arbeiders vertellen bij welke partij ze een kruisje moeten zetten, zodat ze hier zelf niet meer over na hoeven te denken. Het draait er juist voornamelijk om de klasse mee te nemen in de overwegingen die wat ons betreft bepalend zijn voor het verlenen van (tijdelijke) electorale steun aan een partij of steun aan een politiek project. Door een beschouwing te geven van deze overwegingen, kan ook op inhoudelijke basis discussie met anderen worden gevoerd over het programma, de strategie en de tactiek die nodig zijn voor revolutionair links binnen het huidige politieke systeem. We nemen electorale politiek immers serieus als platform om te strijden voor machtsovername door de arbeidersklasse.
Er is weinig veranderd binnen de burgerlijke partijen sinds ons vorige stemadvies 1. Wel gaat het nu natuurlijk om lokale verkiezingen op gemeentelijk niveau, waar sommige afwegingen anders zijn dan op landelijk niveau. Het grootste verschil is dat de RSP meedoet op twee plekken: in Nijmegen als RSP Nijmegen en in Amsterdam binnen samenwerkingsverband De Vonk.
De Vonk
De Vonk is een samenwerkingsverband in Amsterdam bestaande uit een afsplitsing van BIJ1, de studentenpartij Activistenpartij UvA, en RSP Amsterdam. Na oprichting van de Vonk als samenwerkingsverband ontstond hierover discussie binnen de RSP, waar CP-lid Rogier Specht in een artikel kritische vragen over stelde 2. Een van de belangrijkste kritiekpunten betrof de keuze om de coalitie aan te kondigen, er een ledenorganisatie van te vormen en mee te gaan doen aan verkiezingen, zonder dat er sprake was van een gedeeld programma, een verhouding tot de RSP was vastgelegd of duidelijkheid geschapen over de politieke controle van raadsleden. Intussen zijn de gemeenteraadsverkiezingen aanstaande en ligt er wel een verkiezingsprogramma 3, maar hiermee is nog geen sprake van een heldere basis van samenwerking of van een algemene politieke lijn van de organisatie buiten deze verkiezingen. Sterker nog, in een interview in De Telegraaf, dat de Vonk verder deelt op hun sociale media, staat: “Hoewel alles rond De Vonk erg marxistisch oogt, is er geen specifieke partijideologie. ‘Voor nu hebben we besloten dat we geen strakke, dogmatische lijn willen.’” 4
Er lijkt dus eenheid te zijn gevonden op de onwil om de basis van eenheid in te vullen, en geen eenheid op marxistische politiek. Door het programma heen wordt verder een aantal keren benoemd dat de eisen en leidraad waarop de Vonk zich baseert, moeten komen vanuit bewegingen die “een betere wereld proberen te bouwen”. Tegelijkertijd lezen we in het programma dat “we als partij [moeten] vasthouden aan een revolutionaire lijn”. Het is echter lastig om te bepalen wat De Vonk dan als ‘revolutionaire lijn’ ziet (in ieder geval moet deze dus niet al te strak of dogmatisch zijn en blijkbaar ook niet per definitie marxistisch), of op welke basis bewegingen de moeite waard zijn om naar te luisteren of niet. We vermoeden dat De Vonk bijvoorbeeld minder heeft met de eisen van Defend Netherlands of Wolvenrad, terwijl dit wel degelijk bewegingen zijn die ook weleens in Amsterdam rondlopen en die van zichzelf ongetwijfeld vinden dat ze een betere wereld proberen te bouwen.
Daarbij is ook niet duidelijker geworden onder welke politieke controle raadsleden komen te staan als ze verkozen worden. Voor alle keuzes die in de komende raadsperiode gemaakt moeten worden die niet expliciet in het verkiezingsprogramma beschreven staan, is onduidelijk wat van De Vonk-raadsleden verwacht wordt qua politieke lijn. Ook voor de voorstellen die er wel expliciet in staan, is echter onduidelijk wat er gebeurt als een raadslid andere keuzes maakt en hoe hierover verantwoording wordt afgelegd. Op de vragen die Rogier Specht op onze website stelde, is nooit een reactie gekomen van de Vonk, en ze lijken hier dus ook in de rest van hun politiek geen verder gehoor aan te geven.
Als laatste moet benoemd worden dat De Vonk in hun programma expliciet heeft opgenomen dat zij voorstellen doen die “juridisch knellen, begrotingen laten kraken en ambtenaren doen zweten. Niet omdat we naïef zijn, maar omdat we weten: elke uitzondering begint als overtreding.” De strategie is dus om juridisch en begrotingstechnisch ruzie met de burgerlijke staat (of superstaat in geval van de EU) te zoeken, om zo “rechtszaken en ander tegengas” vanuit Brussel of Den Haag te gebruiken als mobiliserende publiekscampagnes. Dat is wat ons betreft gezien de huidige materiële omstandigheden in Amsterdam en Nederland een wassen neus. Allereerst veronderstelt dit binnen de gemeente Amsterdam meer steun aan het soort voorstellen dat in het verkiezingsprogramma van De Vonk staat dan vandaag de dag realistisch is; des te meer als we de bereidheid van de meeste andere partijen die daar meedoen om buiten de wettelijke kaders om politiek te bedrijven meenemen. Maar zelfs als de voltallige hoofdstad stond te juichen voor dit idee, is de uitkomst voorspelbaar. Sterker nog, De Vonk benoemt het zelf op het einde van haar programma, door het voorbeeld van de gemeente Finsterwolde in 1951 aan te halen, waar in deze situatie direct de hele raad buiten werking werd gesteld. Het is dus niet duidelijk hoe dit zou bijdragen aan de (vage) doelstellingen die De Vonk zich deze verkiezingen stelt. Zelf zeggen ze hierover dat wij in zo’n situatie “moeten klaarstaan om de hele stad plat te leggen. En uiteindelijk het hele land.” Deze vlieger gaat alleen op als er al mogelijkheden zijn om de hele stad en het hele land plat te leggen voordat de kameraden de raad uitgejaagd worden.
Dit klinkt radicaal, maar berust in feite op de illusie dat men via gemeenteraden de Nederlandse staat tot concessies kan dwingen, en dat de arbeidersklasse richting actie zal bewegen als de staat hiertegen optreedt. In Finsterwolde leidde het ingrijpen van de staat niet tot het platleggen van het hele land. In Engeland waar het trotskistische Militant in de jaren 80 in Liverpool een vergelijkbare strategie had, voerden zij een begroting met grote ontslagen van lokaal overheidspersoneel met als bedoeling om de regering-Thatcher onder druk te zetten. Het was nooit de bedoeling om dit daadwerkelijk uit te voeren, maar werkte averechts. In plaats van druk te zetten op de regering-Thatcher leidde het tot een opstand van de vakbonden en het ingrijpen van de Labour-partij.
Wij schrijven geen blauwdruk voor revolutie. Het is niet ondenkbaar dat er in een revolutionaire situatie rode enclaves kunnen ontstaan. Maar hiervoor moeten wij helder zijn over wat er mogelijk is op verschillende politieke niveaus: gemeente, provincie, nationaal, continentaal etc. Het bouwen van radicale luchtkastelen leidt niet tot het vertrouwen van de arbeidersklasse, maar tot het organiseren van het eigen verlies wanneer men niet in staat is te leveren. In plaats van hopen dat de arbeidersklasse in actie komt, moeten we de arbeidersklasse overtuigen, scholen in een programma van politieke macht, een programma dat duidelijk is over wat er nodig is voor socialistische politiek: namelijk de machtsovername van de arbeidersklasse. Het is precies een dergelijk programma dat ontbreekt wanneer er een project wordt gebouwd zonder duidelijke politieke lijn en eenheid op basis van ‘een betere wereld willen bouwen’.
Kortom: de vragen en kanttekeningen die in november op onze website werden gepubliceerd, zijn nog niet beantwoord, maar eerder prangender geworden. Wel staan er elementen in het verkiezingsprogramma die sympathiek zijn en is het misschien-marxistische programma verreweg het minst slechte van de opties in Amsterdam. Daarnaast steunen wij als CP het politieke project RSP. Hoewel wij enige scepsis hebben over het samenwerkingsverband De Vonk, kan het er potentieel toe leiden dat de RSP wordt versterkt en de leden van RSP fundamentele discussies aan kunnen gaan met andere groepen binnen de Vonk. Voor Amsterdammers pleiten we daarom voor een kritische stem op De Vonk. Kandidaten nummer 4, 8, 15 en 17 staan op de Vonk-website expliciet vermeld als RSP-kandidaten, deze hebben daarom onze voorkeur. 5
RSP
In Nijmegen doet de RSP voor het eerst mee met de verkiezingen. In het verkiezingsprogramma 6 staan over het algemeen genomen prima eisen die in beginsel in lijn lijken te zijn met het landelijke beginselprogramma van de RSP, waar Nijmegen dan ook onomwonden een afdeling van is. Wel valt op dat een relatief groot aantal eisen in het programma binnen de huidige regels van de burgerlijke staat (en superstaat EU) niet kunnen worden ingevoerd. Uit campagnemateriaal begrijpen we dat hier eenzelfde gedachtegang als bij De Vonk achter schuilt. Niet geheel verrassend hebben we op dit punt dan ook dezelfde kritiek die voor De Vonk geldt in Amsterdam.
Het grote verschil is dat de afdeling Nijmegen het wel aandurft om deel te nemen als onafhankelijke partij op basis van marxistische politiek, wat in de rest van Nederland niet of nauwelijks aan de orde is. Naast de bovengenoemde argumenten over het steunen en opbouwen van het RSP-project betekent deelname van de RSP als onafhankelijke politieke partij ook dat belangrijke vraagstukken over electorale politiek, revolutionaire strategie en partijvormen naar voren komen. Namens CP hebben wij dan ook al een aantal voorstellen gedaan richting het komende RSP-congres om de discussies hierover op gang te brengen en lering uit de pogingen tot electorale politiekte trekken. Electorale experimenten, zelfs wanneer ze mislukken, kunnen in potentie de partij verder helpen in het leren van belangrijke lessen. We pleiten daarom in Nijmegen voor een kritische stem op de RSP-afdeling aldaar. Naast de gemeenteraadsverkiezingen is er ook een RSP-kandidaat verkiesbaar in de wijkraadsverkiezingen in Rotterdam, hier pleiten wij ook voor een stem voor de RSP-kandidaat.
BIJ1
Sinds ons vorige stemadvies 7 is er weinig veranderd binnen BIJ1, behalve dat de eind vorig jaar gesignaleerde ineenstorting die toen al vrij vergevorderd was, zich nu nog verder heeft doorgezet. Er is nog minder sprake van een coherente partij met een eenduidig programma of worteling in sociale bewegingen. Een snel bezoek aan de website van BIJ1 toont dat grote delen al lange tijd niet geüpdatet zijn (zo staat bij ‘onze mensen’ nog steeds de kandidatenlijst voor de Tweede Kamerverkiezingen van vorig jaar), wat dit beeld lijkt te bevestigen.
BIJ1 doet deze verkiezingen mee in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht. In Amsterdam hebben we, ondanks onze kritiek, meer vertrouwen in het potentieel van De Vonk dan in dat van BIJ1. In Rotterdam en Utrecht doet geen (samenwerkingsverband van o.a. een) RSP-afdeling of andere (misschien) marxistische organisatie mee. In Utrecht sluiten we ons grotendeels aan bij het advies van RSP-afdeling Utrecht. Die schrijft een kritische stem op BIJ1 voor omdat BIJ1 “een stevig pakket aan eisen voor emancipatoire woonstrijd, internationale solidariteit en klimaatrechtvaardigheid, bescherming van het demonstratierecht, van ongedocumenteerde migranten, enz.,” voorlegt, maar “denkt toch dat het gebrek aan een volledig uitgewerkt socialistisch programma ervoor zorgt dat BIJ1 op andere vlakken tekortschiet”. Naast deze programmatische mankeringen blijven voor ons het gebrek aan democratisch structuren en cultuur en aan worteling in sociale bewegingen bij BIJ1 belangrijke kritiekpunten. Toch heeft BIJ1 in zowel Utrecht als Rotterdam het minst slechte verkiezingsprogramma en pleiten we dus in die steden voor een kritische stem op die partij.
PvdD en SP
In ons vorige stemadvies 8 hebben we ook uitgebreid besproken dat de PvdD en de SP onderhand op veel vlakken vergelijkbaar zijn, en dat zij dusdanig zijn weggedreven van klassenpolitiek en meegevoerd zijn in oorlogsretoriek en militaire steun, dat pleiten voor een stem op een van deze partijen moeilijk verdedigbaar is.
Op plekken waar de PvdD en SP meedoen aan gemeenteraadsverkiezingen waar geen RSP of BIJ1 kandidaten staan is een stem op SP en PvdD te verantwoorden. De SP heeft daarin, zeker lokaal, vaak meer wortels in de arbeidersklasse en is over het algemeen minder ontvankelijk voor bijvoorbeeld heffingen die de arbeidersklasse buitensporig raken. Echter heeft de SP ook veel meer geschiedenis van deelname aan lokale coalities waar beleid tegen de arbeidersklasse is gevoerd. De keuze tussen die twee is dus een afweging tussen die twee kwaden.
Conclusie
Ook in dit stemadvies moeten we tot de conclusie komen dat er in het huidige politieke landschap in Nederland geen eenduidig stemadvies voor het hele land kan worden gegeven. In Nijmegen en Amsterdam pleiten we voor een stem op RSP(-gerelateerde) afdelingen. In Rotterdam en Utrecht pleiten we voor een kritische stem op BIJ1. In de meeste andere gemeenten zal een keuze moeten worden gemaakt tussen de SP en de PvdD, eventuele lokale linkse partijen zoals de VCP buiten beschouwing gelaten. Een dergelijke stem kan echter nooit een vervanging zijn voor het daadwerkelijke langdurige werk van het opbouwen van een communistische partij met haar eigen electorale uitingen. Het is daarom noodzakelijk om verder te bouwen binnen de RSP om een sterk blok te vormen en zo op meer dan een enkele gemeente principiële oppositie te kunnen voeren in zowel de verkiezingen als het daadwerkelijke parlementaire orgaan.
- https://communisme.nu/artikelen/2025/10/26/verkiezingen-in-tijden-van-militarisme-een-duivels-dilemma/ ↩
- https://communisme.nu/artikelen/2025/09/23/de-vonk-slaat-nog-niet-over/ ↩
- https://www.devonk.org/files/DeVonk2026.pdf ↩
- https://www.instagram.com/p/DV1YOSyCCAH/?img_index=5 ↩
- https://www.devonk.org/kandidaten ↩
- https://rsp.nu/afdelingen/nijmegen/programma-rsp-nijmegen/ ↩
- https://communisme.nu/artikelen/2025/10/26/verkiezingen-in-tijden-van-militarisme-een-duivels-dilemma/ ↩
- https://communisme.nu/artikelen/2025/10/26/verkiezingen-in-tijden-van-militarisme-een-duivels-dilemma/ ↩

